ECLI:NL:CRVB:2024:2295
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Rotterdam inzake twee zaken. Het UWV heeft vervolgens op 13 december 2023 een gewijzigde beslissing op bezwaar genomen die volledig tegemoetkomt aan de bezwaren van appellant. Hierdoor heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om proceskostenvergoeding.
De Raad heeft op grond van de toepasselijke artikelen uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) het UWV veroordeeld tot vergoeding van de door appellant gemaakte kosten in bezwaar, beroep en hoger beroep. De kosten zijn begroot op in totaal €5.121,-, inclusief vergoeding van het betaalde griffierecht van €364,-.
De Raad heeft het verzoek van appellant gehonoreerd zonder zitting, omdat het UWV geen verweerschrift heeft ingediend tegen het verzoek om proceskostenvergoeding. De uitspraak is op 4 december 2024 in het openbaar gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant na intrekking van het hoger beroep.