ECLI:NL:CRVB:2024:2425
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na tegemoetkoming UWV en proceskostenveroordeling
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV betreffende een WIA-uitkering. Het UWV heeft in een gewijzigd standpunt en gewijzigde beslissing op bezwaar erkend dat appellant recht heeft op een IVA-uitkering vanaf 3 februari 2019, waardoor het bestreden besluit niet langer gehandhaafd kon blijven.
Naar aanleiding hiervan heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling tegen het UWV. De Centrale Raad van Beroep heeft op grond van de toepasselijke artikelen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten, waaronder kosten voor rechtsbijstand en reiskosten, en het griffierecht dat appellant in hoger beroep heeft betaald.
Het verzoek tot vergoeding van wettelijke rente over de na te betalen IVA-uitkering is afgewezen omdat deze reeds in een eerdere zaak (21/4112 WIA) is toegekend. De uitspraak is gedaan zonder mondelinge behandeling, op basis van de schriftelijke stukken.
Uitkomst: Hoger beroep ingetrokken; UWV veroordeeld tot proceskostenvergoeding en griffierecht, verzoek om wettelijke rente afgewezen.