ECLI:NL:CRVB:2024:424
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering toekenning Ziektewet-uitkering wegens arbeidsgeschiktheid op datum ziekmelding
Appellant vorderde toekenning van een Ziektewet-uitkering per 29 juni 2020, nadat hij zich ziek meldde wegens rugklachten en psychische klachten. Het UWV weigerde de uitkering op grond van arbeidsgeschiktheid, gesteund op medisch onderzoek van verzekeringsartsen.
De Raad vernietigde eerder een eerdere uitspraak van de rechtbank vanwege onzorgvuldig medisch onderzoek door het UWV en beval een nieuw, zorgvuldig onderzoek. Dit onderzoek werd uitgevoerd door de verzekeringsarts bezwaar en beroep, die op 12 september 2022 appellant sprak en aanvullende medische informatie opvroeg.
Uit het rapport van 26 september 2022 bleek dat er geen medische pathologie van de rugklachten was vastgesteld en dat de spanningsklachten verband hielden met de rugklachten. De verzekeringsarts concludeerde dat appellant op de datum van ziekmelding arbeidsgeschikt was voor zijn eigen werk.
De Raad oordeelde dat het UWV met dit rapport voldoende inzichtelijk en toereikend had gemotiveerd dat appellant geschikt was voor zijn werk op 29 juni 2020. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de weigering van de ZW-uitkering bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de ZW-uitkering per 29 juni 2020 bevestigd.