ECLI:NL:CRVB:2024:492
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Hogenboom
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek nabestaandenuitkering op grond van de ANW
Appellante heeft een verzoek ingediend tot herziening van een eerder besluit van de Sociale Verzekeringsbank (Svb) waarin haar aanvraag voor een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) werd afgewezen. Het oorspronkelijke besluit dateert uit 2016 en is sindsdien in bezwaar en beroep bevestigd.
De kern van het geschil is dat de echtgenoot van appellante op het moment van overlijden niet verzekerd was voor de ANW omdat hij niet in Nederland woonachtig of werkzaam was en ook geen vrijwillige verzekering had afgesloten. Daarnaast was hij niet verzekerd volgens de Marokkaanse sociale wetgeving, waardoor appellante geen aanspraak kan maken op een uitkering krachtens het Algemeen Verdrag inzake sociale zekerheid tussen Nederland en Marokko.
De rechtbank heeft het beroep van appellante tegen het bestreden besluit ongegrond verklaard. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep dit oordeel bevestigd. De Raad oordeelt dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die aanleiding geven het besluit te herzien en dat de weigering om de uitkering toe te kennen niet onmiskenbaar onjuist of evident onredelijk is. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en appellante krijgt geen vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van het herzieningsverzoek voor de nabestaandenuitkering blijft in stand.