ECLI:NL:CRVB:2024:566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling procesbelang bij beroep tegen afwijzing maatwerkvoorzieningen Wmo 2015
Appellante had bij het college van burgemeester en wethouders van Weststellingwerf een aanvraag ingediend voor maatwerkvoorzieningen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, waaronder een scootmobiel en individuele begeleiding bij het vinden van een woning. Het college wees deze aanvragen af omdat appellante niet langer in de gemeente woonde en haar verblijfplaats niet wilde opgeven.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk wegens gebrek aan procesbelang, omdat zij inmiddels in een andere gemeente woonde en de voorzieningen aldaar kon verkrijgen. Ook de door appellante gestelde schade was onvoldoende onderbouwd en daardoor onaannemelijk.
Appellante ging in hoger beroep tegen deze uitspraak, stellende dat zij wel degelijk procesbelang had en schade had geleden. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat procesbelang alleen bestaat als het resultaat van het beroep daadwerkelijk kan worden bereikt en betekenis heeft voor de indiener. Omdat appellante niet meer in de gemeente Weststellingwerf woont en de schade niet concreet was aangetoond, was er geen procesbelang.
De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Appellante kreeg geen vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht werd niet teruggegeven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen vanwege het ontbreken van procesbelang en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.