ECLI:NL:CRVB:2024:632
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd in verzet tegen uitspraak hoger beroep AOW
Appellant heeft verzet aangetekend tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 10 november 2023, waarin het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant werd bevestigd.
De Raad heeft appellant bij brief geïnformeerd dat tegen deze uitspraak geen verzet mogelijk is, omdat het geen uitspraak betreft als bedoeld in artikel 8:54, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellant heeft het verzet desondanks gehandhaafd.
De Raad heeft vervolgens op grond van artikel 8:57, tweede lid, Awb, in verbinding met artikel 8:108, eerste lid, Awb, het nader onderzoek achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de wet geen mogelijkheid biedt tot verzet tegen deze uitspraak en verklaart zich daarom onbevoegd. Een verzoek om een prejudiciële vraag te stellen wordt niet behandeld. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd om het verzet tegen haar uitspraak te behandelen.