ECLI:NL:CRVB:2024:649
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen van AOW-besluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant verzocht de Sociale verzekeringsbank (Svb) om terug te komen van een besluit uit 2011 waarbij zijn AOW-aanvraag werd afgewezen. Dit verzoek werd meerdere malen afgewezen, waarna appellant beroep instelde. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde het besluit.
In hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep werd overwogen dat er geen sprake was van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die een herziening rechtvaardigen. De aangeleverde gelegaliseerde akte uit 2020 was gebaseerd op een oud vonnis uit 1984 en bood geen nieuwe feiten. Bovendien kon niet worden vastgesteld dat appellant en de daarin genoemde persoon dezelfde zijn.
De Raad oordeelde dat de Svb het besluit zorgvuldig en deugdelijk had gemotiveerd en dat het niet evident onredelijk was om niet terug te komen op het eerdere besluit. Het hoger beroep werd daarom afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het verzoek om terug te komen van het AOW-besluit uit 2011 wordt afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.