ECLI:NL:CRVB:2025:1156
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek ontheffing arbeidsverplichtingen Participatiewet
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maassluis om ontheffing van haar arbeidsverplichtingen op grond van artikel 9 van Pro de Participatiewet. Dit verzoek werd op 31 juli 2023 afgewezen en na bezwaar op 4 januari 2024 gehandhaafd. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond omdat appellante haar aanvraag onvoldoende had onderbouwd.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten, waaronder dat zij gelijk moest worden gesteld met een alleenstaande ouder omdat haar man niet voor hun dochter kan zorgen. De Raad stelde vast dat deze gronden niet nieuw waren en onvoldoende onderbouwd. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat de enkele stelling dat het college bekend is met haar problematiek niet volstaat om de aanvraag te ondersteunen.
De Centrale Raad van Beroep concludeerde dat appellante ook in hoger beroep geen voldoende redenen heeft gegeven om het oordeel van de rechtbank te weerleggen. Het hoger beroep werd daarom verworpen, waardoor de afwijzing van het verzoek om ontheffing van de arbeidsverplichtingen in stand blijft. Appellante krijgt geen vergoeding voor proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het verzoek om ontheffing van arbeidsverplichtingen wordt afgewezen en het hoger beroep wordt verworpen.