Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
.Het college mocht er daarom van uitgaan dat 4 uur per week huishoudelijke hulp toereikend is.
Centrale Raad van Beroep
Appellante, met diverse lichamelijke en psychische klachten, had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Utrecht om haar een persoonsgebonden budget (pgb) toe te kennen voor 4 uur huishoudelijke hulp per week voor de periode van 1 juli 2022 tot en met 20 december 2023. De rechtbank had het bezwaar ongegrond verklaard, stellende dat het medisch advies van Argonaut zorgvuldig was en dat appellante onvoldoende medische onderbouwing had geleverd om dit te betwisten.
In hoger beroep voerde appellante aan dat de omvang van de hulp onvoldoende was en dat zij niet verplicht kon worden medische stukken te overleggen, omdat het ging om de praktische omgang met haar beperkingen. De Raad oordeelde dat de ernst van beperkingen geobjectiveerd moet worden en dat het redelijk is dat appellante stukken overlegt ter onderbouwing van haar stellingen.
Omdat appellante ook in hoger beroep geen medische stukken heeft overgelegd die het advies van de medisch adviseur weerleggen, concludeert de Raad dat het bestreden besluit terecht in stand blijft. Het feit dat het college later de omvang van de hulp verhoogde voor een periode na het bestreden besluit doet hieraan niets af. Het hoger beroep wordt afgewezen en appellante krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot toekenning van 4 uur huishoudelijke hulp per week blijft in stand.