ECLI:NL:CRVB:2025:1342
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Beëindiging WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid bevestigd
Appellant, voormalig medewerker facilitaire zaken, kreeg een loongerelateerde WGA-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80 tot 100%. Ex-werkgeefster maakte bezwaar, waarna het UWV na onderzoek het arbeidsongeschiktheidspercentage vaststelde op 25,47% en de WIA-uitkering per 7 september 2023 beëindigde.
Appellant voerde aan dat hij meer fysieke beperkingen heeft dan aangenomen en dat de functie van parkeercontroleur ongeschikt is vanwege gebruik van gemotoriseerd vervoer. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het UWV voldoende zorgvuldig en deugdelijk had gemotiveerd waarom er geen aanleiding was voor meer beperkingen of urenbeperking.
In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelt dat appellant geen nieuwe medische informatie heeft ingebracht die aanleiding geeft tot een ander oordeel en onderschrijft de zorgvuldige medische en arbeidskundige beoordeling van het UWV. Het verzoek om een deskundige te benoemen en om schadevergoeding wordt afgewezen. De beëindiging van de WIA-uitkering blijft in stand.
Uitkomst: Beëindiging van de WIA-uitkering per 7 september 2023 wordt bevestigd.