ECLI:NL:CRVB:2025:1824
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag langdurige zorg wegens ontbreken blijvende 24-uurs zorgbehoefte
Appellant, bekend met een psychotische stoornis en een obsessief compulsieve stoornis, diende op 4 mei 2023 een aanvraag in voor zorg op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz). Het CIZ wees deze aanvraag af omdat, hoewel sprake was van een noodzaak tot 24 uur zorg in de nabijheid, niet kon worden vastgesteld dat deze behoefte blijvend was.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het besluit van het CIZ. Volgens de rechtbank was het medisch advies waarop het besluit was gebaseerd zorgvuldig en toereikend gemotiveerd. Appellant overwoog geen nieuwe medische stukken die het oordeel konden betwijfelen.
In hoger beroep herhaalde appellant grotendeels zijn eerdere gronden zonder nieuwe inzichten of bewijsstukken. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en concludeerde dat er geen blijvende behoefte aan 24-uurs zorg in de nabijheid was vastgesteld. Het hoger beroep werd afgewezen en het bestreden besluit bleef in stand.
Appellant kreeg geen vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht werd niet teruggegeven. De uitspraak werd op 10 december 2025 in het openbaar gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De afwijzing van de Wlz-aanvraag wordt bevestigd omdat geen blijvende behoefte aan 24-uurs zorg is vastgesteld.