ECLI:NL:CRVB:2025:242
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens arbeidsvermogen
Appellante heeft meerdere aanvragen ingediend voor een Wajong-uitkering, waarbij het UWV telkens heeft vastgesteld dat zij arbeidsvermogen bezit. Na een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek concludeerde het UWV dat appellante belastbaar is voor minimaal twee tot maximaal vier uur per dag, mits het werk eenvoudig en prikkelarm is. De rechtbank oordeelde dat het UWV zorgvuldig heeft gehandeld en dat de medische beoordeling juist is.
Appellante voerde aan dat haar klachten haar arbeidsongeschikt maken en dat zij niet kon verschijnen bij de rechtbankzitting, maar zij bracht geen nieuwe medische stukken in die het oordeel konden wijzigen. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft het oordeel van de rechtbank en bevestigt dat appellante niet duurzaam arbeidsongeschikt is en over basale werknemersvaardigheden beschikt.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor de weigering van de Wajong-uitkering in stand blijft. Appellante krijgt geen vergoeding van het griffierecht omdat het beroep niet slaagt.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering omdat appellante arbeidsvermogen heeft.