ECLI:NL:CRVB:2025:395
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging juiste vaststelling arbeidsongeschiktheid op 56,96% per 5 februari 2021
Appellant, voormalig machine-operator, werd sinds 5 februari 2019 arbeidsongeschikt verklaard met een percentage van 80-100%, waarna het UWV dit per 5 februari 2021 herzag naar 56,96%. Appellant betwistte deze vaststelling en stelde dat hij meer beperkingen heeft dan aangenomen, waardoor hij de geselecteerde functies niet kan vervullen.
De rechtbank Overijssel verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat het medisch en arbeidskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de geselecteerde functies passend zijn. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de medische beperkingen onvoldoende waren erkend en dat de functies niet geschikt waren vanwege gebrek aan afwisseling en diploma-eisen.
De Raad volgde het UWV en de rechtbank in hun oordeel. De medische rapportages waren overtuigend en volledig, en de arbeidsdeskundige had de functies adequaat beoordeeld, inclusief de afwisseling van werkhoudingen. De door appellant behaalde Turkse opleiding werd gelijkgesteld aan een Nederlands mbo-niveau 2 à 3 diploma, waardoor hij voldeed aan de diploma-eis.
Het hoger beroep werd verworpen en de vaststelling van 56,96% arbeidsongeschiktheid bleef in stand. Appellant kreeg geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV de arbeidsongeschiktheid van appellant terecht heeft vastgesteld op 56,96%.