ECLI:NL:CRVB:2025:721

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
16 april 2025
Publicatiedatum
9 mei 2025
Zaaknummer
24/434 WLZ-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Verzet
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond wegens niet-ontvankelijkheid door niet-betaling griffierecht door slechte postbezorging

In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht. Appellant diende verzet in met het argument dat hij de nota en herinneringsbrief voor het griffierecht niet had ontvangen vanwege slechte postbezorging op zijn adres.

De Raad stelde vast dat appellant voorafgaand aan de procedure al had aangegeven dat de postbezorging op zijn adres slecht was en dat veel aangetekende brieven retour waren gekomen. Ondanks het verzoek van appellant om correspondentie per e-mail te ontvangen, werd alle communicatie per post verzonden, waardoor de nota's waarschijnlijk niet tijdig zijn ontvangen.

Gezien deze omstandigheden verklaarde de Raad het verzet gegrond, verviel de eerdere uitspraak van 3 juli 2024 en werd het onderzoek voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd aan appellant.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.

Uitspraak

Datum uitspraak: 16 april 2025
24/434 WLZ-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het verzet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 3 juli 2024, UTR 23/914 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
Centraal Administratie Kantoor (CAK)

PROCESVERLOOP

In de uitspraak van 3 juli 2024 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet is betaald.
Appellant heeft verzet ingediend. In zijn verzetschrift geeft appellant aan de nota en de herinneringsbrief voor het betalen van het griffierecht niet te hebben ontvangen.
Appellant heeft in zijn hoger beroepschrift aangegeven alle correspondentie graag per email te willen ontvangen, vanwege ondermaatse postbezorging aan zijn adres.
Helaas is dit verzoek van appellant niet opgemerkt door medewerkers van de Raad en is alle correspondentie per post aan appellant verzonden. De nota en de herinneringsbrief voor het betalen van het griffierecht zijn ook per post aan appellant verzonden.

OVERWEGINGEN

De Raad overweegt dat appellant vooraf al direct te kennen heeft gegeven dat de postbezorging op zijn adres slecht is. Veel van de door de Raad (aangetekend) verzonden brieven zijn retour gekomen. Gelet hierop is aannemelijk dat appellant de brieven en nota’s in deze procedure niet (tijdig) heeft ontvangen.
Dit betekent dat het verzet gegrond wordt verklaard, de uitspraak van de Raad van 3 juli 2024 vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Voor een proceskostenveroordeling van het verzet is geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. J.C. Boeree, in tegenwoordigheid van A.S. Abbas als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 16 april 2025.
(getekend) J.C. Boeree
(getekend) A.S. Abbas