Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2025:794

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
22 mei 2025
Publicatiedatum
23 mei 2025
Zaaknummer
24/2807 WUBO
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 AwbWet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht in WUBO-zaak

Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad waarin haar bezwaar op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 ongegrond werd verklaard.

De Centrale Raad van Beroep heeft appellante tweemaal schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €51,- binnen een gestelde termijn. Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet betaald binnen de daarvoor gestelde termijnen.

Op grond van artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht is betaling van het griffierecht een vereiste voor ontvankelijkheid van het beroep. Omdat appellante niet tijdig heeft betaald en niet aannemelijk is dat zij niet in verzuim is, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling.

Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter Y. Sneevliet in aanwezigheid van griffier A. Giesen op 22 mei 2025.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.

Uitspraak

Datum uitspraak: 22 mei 2025
24/2807 WUBO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht in verband met het geding tussen:
Partijen:
[Appellante] te [woonplaats] (appellante)
de Pensioen- en Uitkeringsraad (verweerder)

PROCESVERLOOP

Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 7 november 2024 [1] ,waarin haar bezwaar tegen het besluit van 13 oktober 2023 op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 ongegrond is verklaard.

OVERWEGINGEN

In artikel 8:41, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is bepaald dat van de indiener van het beroepschrift een griffierecht wordt geheven.
Bij brief van 25 december 2024 is appellante erop gewezen dat een griffierecht van € 51,- is verschuldigd, en is medegedeeld dat dit bedrag uiterlijk 28 dagen na de dag van verzending van de brief op de in die brief genoemde bankrekening moet zijn bijgeschreven.
Bij aangetekende brief van 29 januari 2025 is appellante nogmaals gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en is medegedeeld dat het verschuldigde bedrag binnen vier weken na de datum van deze brief dient te zijn bijgeschreven op de in die brief genoemde bankrekening dan wel contant moet zijn betaald op het bezoekadres van het Dienstencentrum Rechtspraak. Daarbij is erop gewezen dat als het griffierecht niet tijdig wordt betaald, appellante er rekening mee moet houden dat het beroep niet inhoudelijk behandeld kan worden.
De termijn is verstreken en het griffierecht is niet betaald.
Op grond van de beschikbare gegevens kan redelijkerwijs niet worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest. Het beroep is kennelijk niet-ontvankelijk, zodat zonder verder onderzoek kan worden beslist.
Voor een proceskostenveroordeling is geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door Y. Sneevliet, in tegenwoordigheid van A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 mei 2025.
(getekend) Y. Sneevliet
(getekend) A. Giesen
Tegen deze uitspraak kunnen een belanghebbende en het bestuursorgaan binnen zes weken na de verzending van het afschrift van deze uitspraak schriftelijk verzet doen bij de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA UTRECHT. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld te worden gehoord.

Voetnoten

1.Met kenmerk BZ01 WUB 167843.