ECLI:NL:CRVB:2025:987
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant. De Centrale Raad van Beroep heeft appellant tweemaal schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €138,- binnen de gestelde termijnen. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet tijdig voldaan.
De Raad heeft op basis van de beschikbare gegevens geoordeeld dat appellant in verzuim is en het hoger beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder inhoudelijke behandeling van het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, in aanwezigheid van griffier J.M. Labage, en opengesteld op 25 juni 2025. Tegen deze uitspraak staat verzet open binnen zes weken na verzending van het afschrift.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.