Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving een toeslag op grond van de Toeslagenwet naast haar WIA-uitkering. Het UWV stelde op basis van gegevens van de Belastingdienst vast dat zij over 2017 te veel toeslag had ontvangen en vorderde €6.150,54 terug. Appellante maakte bezwaar en stelde dat zij diverse vorderingen op het UWV had die in mindering moesten worden gebracht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond voor de terugvordering over 2017 en stelde dat het UWV de aflossingscapaciteit correct had vastgesteld. Appellante ging in hoger beroep en herhaalde haar standpunten, waaronder het verzoek om vergoeding van wettelijke rente en immateriële schadevergoeding.
De Raad oordeelde dat de rechtbank terecht had geoordeeld en dat de vorderingen van appellante betrekking hadden op andere perioden dan 2017 en daarom buiten de procedure vielen. Ook was het verzoek om schadevergoeding onvoldoende onderbouwd. Het hoger beroep werd verworpen, de terugvordering bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De terugvordering van €6.150,54 wegens te veel ontvangen toeslag over 2017 wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.