ECLI:NL:CRVB:2026:221
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen onbevoegdverklaring Centrale Raad van Beroep ongegrond verklaard
In de uitspraak van 22 juli 2025 heeft de Centrale Raad van Beroep zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het door appellant ingestelde beroep. Appellant heeft hiertegen tijdig verzet ingesteld en stelde dat de onbevoegdverklaring zijn recht op toegang tot de rechter schendt, verwijzend naar artikel 6 EVRM Pro.
De Raad heeft het verzet behandeld op de zitting van 13 januari 2026, waarbij partijen niet verschenen. De Raad overwoog dat appellant niet heeft onderbouwd waarom de Raad bevoegd zou zijn en dat ook na ambtshalve onderzoek geen aanwijzingen voor bevoegdheid zijn gevonden.
Daarmee zijn er geen gronden om het eerdere oordeel te herzien. Het verzet wordt daarom ongegrond verklaard. De uitspraak is gedaan door mr. J.C. Boeree, in aanwezigheid van griffier C.E.A. Tessemaker, en uitgesproken op 24 februari 2026.
Uitkomst: Het verzet tegen de onbevoegdverklaring wordt ongegrond verklaard en het eerdere oordeel gehandhaafd.