ECLI:NL:CRVB:2026:225
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek uitbetaling OVW-periodieken bij hogere persoonlijke inschaling politie
Appellant, werkzaam bij de politie en aangesteld in een functie gewaardeerd op schaal 9, verzocht om uitbetaling van OVW-periodieken gekoppeld aan schaal 11, terwijl hij persoonlijk was ingeschaald in schaal 10. De korpschef wees dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens in beroep ging bij de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat OVW-periodieken aan de functieschaal zijn gekoppeld en dat appellant door zijn hogere persoonlijke inschaling in schaal 10 al het bedrag ontvangt dat overeenkomt met schaal 9 plus OVW-periodieken van schaal 10. Een aanspraak op OVW-periodieken van schaal 11 kon niet worden afgeleid uit het aanstellingsbesluit of communicatie van de korpschef.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij op grond van uitlatingen van HRM en zijn leidinggevende mocht vertrouwen op extra OVW-periodieken, maar de Raad verwierp dit beroep op het vertrouwensbeginsel omdat geen concrete toezeggingen waren gedaan. De Raad onderschreef de motivering van de rechtbank en concludeerde dat appellant geen recht heeft op OVW-periodieken gekoppeld aan schaal 11.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarmee het bestreden besluit en wees het hoger beroep af. Appellant kreeg geen proceskostenvergoeding en het betaalde griffierecht werd niet teruggegeven.
Uitkomst: Het verzoek om uitbetaling van OVW-periodieken gekoppeld aan schaal 11 wordt afgewezen en het hoger beroep wordt verworpen.