ECLI:NL:CRVB:2026:235
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als logistiek medewerker, heeft zich meerdere malen ziekgemeld en ontving diverse Ziektewetuitkeringen. Na het bereiken van 104 weken ziekte heeft het UWV de ZW-uitkering beëindigd en geweigerd een WIA-uitkering toe te kennen wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.
De medische beoordeling door een UWV-arts en een arbeidsdeskundige concludeerden dat appellant geschikt is voor neksparend werk en dat de voorgehouden functies zijn mogelijkheden niet overschrijden. De rechtbank vernietigde het besluit deels vanwege onvoldoende motivering, maar liet de rechtsgevolgen in stand na nader onderzoek.
In hoger beroep betoogde appellant dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was en dat een eerdere PTSS-diagnose ten onrechte buiten beschouwing was gelaten. De Raad oordeelde dat deze gronden reeds door de rechtbank waren beoordeeld en dat de PTSS-diagnose uit 2010 niet relevant was voor de situatie in 2022.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt het bestreden besluit en verklaart het hoger beroep ongegrond. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid.