Uitspraak
PROCESVERLOOP
.Het onderzoek ter zitting is geschorst. Appellant is in de gelegenheid gesteld nadere bewijsstukken over de periode(n) van zijn verblijf in Marokko en de betaling van onderhoudsbijdrage(n) in geding te brengen.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant heeft kinderbijslag aangevraagd voor zijn drie kinderen die in Marokko wonen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) heeft de aanvraag afgewezen omdat appellant niet kon aantonen dat hij een bijdrage leverde in de onderhoudskosten van zijn kinderen, zoals vereist volgens de Algemene Kinderbijslagwet (AKW).
De rechtbank heeft het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond verklaard. Appellant stelde hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep. Tijdens de procedure heeft appellant nadere bewijsstukken overgelegd, maar deze waren onvoldoende om aan te tonen dat hij de onderhoudsbijdrage heeft voldaan of dat hij op de peildatum in Marokko verbleef.
De Raad oordeelt dat de overgelegde betalingen niet door appellant zelf zijn gedaan en niet herleidbaar zijn tot onderhoud voor zijn kinderen. Ook blijkt uit paspoortgegevens dat appellant niet in Marokko verbleef in het vierde kwartaal van 2020. Daarom blijft het bestreden besluit in stand en heeft appellant geen recht op kinderbijslag vanaf dat kwartaal. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Appellant heeft geen recht op kinderbijslag vanaf het vierde kwartaal 2020 wegens niet voldoen aan de onderhoudseis.