Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- veroordeelt het Uwv in de kosten van appellante tot een bedrag van € 1.910,20;
- bepaalt dat het Uwv het door appellante in hoger beroep betaalde griffierecht van € 138,- vergoedt.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV, maar trok dit beroep in nadat het UWV met een gewijzigde beslissing op bezwaar volledig aan haar bezwaren tegemoet was gekomen. De rechtbank Noord-Holland had het UWV reeds veroordeeld in de proceskosten van appellante in eerste aanleg.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde vervolgens alleen de proceskosten die appellante redelijkerwijs in verband met het hoger beroep had moeten maken. Op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht werd een vergoeding van € 1.868,- toegekend voor rechtsbijstand en € 42,20 voor reiskosten. Daarnaast werd het door appellante betaalde griffierecht van € 138,- vergoed.
De Raad wees het verzoek om proceskostenveroordeling toe en veroordeelde het UWV tot betaling van in totaal € 1.910,20 aan proceskosten en het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter S. Wijna in aanwezigheid van griffier M.G.J. van Eck op 1 april 2026.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellante na intrekking van het hoger beroep.