1.3.Bij besluit van 6 november 2019 (bestreden besluit 1) heeft het Uwv het hiertegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Uitspraak van de rechtbank
2. De rechtbank heeft het beroep tegen bestreden besluit 1 gegrond verklaard, bestreden besluit 1 vernietigd en het Uwv opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen, met bepalingen over proceskosten en griffierecht. De rechtbank heeft psychiater D.J. Veltman als onafhankelijke deskundige ingeschakeld en heeft geoordeeld dat deze psychiater gevolgd moet worden in zijn conclusie dat appellante aanvullend beperkt is ten aanzien van zelfstandig handelen en vervoer, maar niet in zijn conclusies over het aannemen van beperkingen op doelmatig handelen en een urenbeperking. De rechtbank heeft appellante niet gevolgd in haar standpunt dat zij beperkt is op vasthouden van de aandacht en herinneren.
Het standpunt van appellante met betrekking tot de aangevallen uitspraak
3. Appellante is het met de uitspraak van de rechtbank niet geheel eens, omdat de rechtbank niet alle door de deskundige aangenomen beperkingen heeft overgenomen. Zij is van mening dat er ook grond is voor beperkingen op de items vasthouden van de aandacht, herinneren, doelmatig handelen, zelfstandig handelen en voor een urenbeperking.
Het standpunt van het Uwv met betrekking tot de aangevallen uitspraak
4. Het Uwv is het ook niet geheel eens met de uitspraak van de rechtbank, omdat de rechtbank volgens het Uwv ten onrechte heeft geoordeeld dat beperkingen op zelfstandig handelen en vervoer zijn aangewezen.
Eerste gewijzigde beslissing op bezwaar (bestreden besluit 2)
5. Bij gewijzigde beslissing op bezwaar van 21 mei 2024 (bestreden besluit 2) heeft het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid van appellante per 12 juli 2018 heeft vastgesteld op 38,74%, appellante vanaf 6 augustus 2019 een WGAloonaanvullingsuitkering toegekend en het bezwaar van appellante in zoverre alsnog gegrond verklaard. Hieraan liggen rapporten van een verzekeringsarts bezwaar en beroep en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep ten grondslag en een nieuwe FML van 9 april 2024. In deze FML is appellante ten opzichte van de FML van 11 februari 2019 aanvullend beperkt geacht op item 1.9.2; appellante is aangewezen op vaste, bekende werkwijzen (routine afhankelijk).
Het standpunt van appellante met betrekking tot bestreden besluit 2
6. Appellante is het op medische en arbeidskundige gronden ook niet eens met deze gewijzigde beslissing op bezwaar.
Inschakelen deskundige in hoger beroep
7. Gelet op het vorenstaande en omdat psychiater Veltman in zijn rapporten van 20 oktober 2021 en 22 mei 2023 heeft voorgesteld een externe verzekeringsgeneeskundige in te schakelen, heeft de Raad een verzekeringsarts als deskundige benoemd. Deze deskundige heeft in haar rapport van 6 juni 2025 geconcludeerd dat er reden is voor een aanvullende beperking op item 1.6 zelfstandig handelen en op het item werktijden, die inhoudt dat appellante in staat wordt geacht maximaal zes uur per dag en maximaal 30 uur per week te werken. Voor de overige voorgestelde beperkingen, waaronder op vervoer, heeft deze deskundige geen medische grond gezien.
Tweede gewijzigde beslissing op bezwaar (bestreden besluit 3)
8. Naar aanleiding van de rapporten van de door de Raad ingeschakelde deskundige heeft het Uwv op 12 augustus 2025 een nieuwe gewijzigde beslissing op bezwaar genomen (bestreden besluit 3), waarbij de mate van arbeidsongeschiktheid per 12 juli 2018 is vastgesteld op 51,5%. Aan dit besluit liggen rapporten van de verzekeringsarts bezwaar en beroep en de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep ten grondslag en een nieuwe FML van 25 juli 2025. Daarin is de door de deskundige voorgestelde urenbeperking overgenomen en zijn vier aanvullende beperkingen op item 1.6 aangenomen, te weten: neemt meestal niet uit zichzelf het initiatief tot handelen, stelt zichzelf meestal geen doelen, bedenkt meestal zelf geen handelingsvarianten en besluit meestal zelf niet welke aanpak de meest geëigende is.
Het standpunt van appellante met betrekking tot bestreden besluit 3
9. Appellante is het ook niet eens met deze gewijzigde beslissing op bezwaar. Daartoe heeft appellante enkel arbeidskundige gronden aangevoerd, die hierna zullen worden besproken.