Uitspraak
28 februari 2025, 24/8776
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. De Centrale Raad van Beroep heeft appellante meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €143,-, met duidelijke termijnen voor betaling.
Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet betaald binnen de gestelde termijnen. De Raad oordeelt dat appellante in verzuim is en dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door M. Wolfrat, in aanwezigheid van griffier A. Giesen, en uitgesproken in het openbaar op 19 mei 2026. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.