Uitspraak
SAMENVATTING
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Inleiding
Het oordeel van de Raad
Pain Disability Questionnaireen Beperkingenlijst (zelfevaluatie) en daaruit geconcludeerd dat sprake is van sterke beperkingen in de onderste extremiteit, rug en de bovenste extremiteit. Een nadere onderbouwing hiervan komt in het rapport niet voor. De rechtbank heeft er terecht op gewezen dat het hebben van pijnklachten op zichzelf niet voldoende is voor het aannemen van (meer) beperkingen. Zonder afbreuk te willen doen aan de door appellante ervaren impact van haar klachten op het dagelijks leven, ziet de Raad in wat appellante heeft aangevoerd geen aanleiding te twijfelen aan de medische onderbouwing van het bestreden besluit. Het Uwv erkent dat appellante veel klachten heeft en beperkingen ervaart. Daarom is er per datum in geding ook een FML opgesteld waarin de (forse) arbeidsbeperkingen van appellante zijn neergelegd. Aan appellante kan worden toegegeven dat de diagnose pijnsyndroom de noodzaak van een urenbeperking met zich kan brengen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep heeft in de rapporten echter navolgbaar toegelicht dat met de aangenomen beperkingen voldoende rekening is gehouden met de klachten van appellante en dat, als rekening wordt gehouden met de beperkingen zoals neergelegd in de FML, er in de situatie van appellante geen medische noodzaak is voor een urenbeperking omdat geen sprake is van een ernstige aandoening van energetische aard, een aandoening die gepaard gaat met een verlengde recuperatietijd of een aandoening waarbij het preventieve aspect aan de orde is, terwijl ook de beschikbaarheid niet in het geding is. Een medisch-objectieve onderbouwing voor het aannemen van aanvullende beperkingen is als gezegd niet gebleken.