ECLI:NL:GHAMS:1997:AA4167
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Holdert
- Onnes
- Kwantes
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingaanslag en toepassing belastingverdrag Nederland-Duitsland inzake tijdelijke werkzaamheden
Belanghebbende, werkzaam als projectmanager bij D te R, voerde in 1993 werkzaamheden uit in Duitsland gedurende 93 dagen en verbleef daar 54 nachten. Hij vorderde aftrek elders belast voor het deel van zijn loon toe te rekenen aan de Duitse werkzaamheden. De inspecteur handhaafde de aanslag zonder aftrek.
Het hof stelde vast dat op grond van het belastingverdrag tussen Nederland en Duitsland en het Besluit van 13 juli 1995 het begrip "tijdelijk" in artikel 10 van Pro het verdrag geen zelfstandige betekenis heeft naast het 183-dagencriterium. Omdat belanghebbende minder dan 183 dagen in Duitsland verbleef, is zijn loon slechts in Nederland belastbaar.
Belanghebbendes beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat de ministeriële brief uit 1967 geen bindende toezegging inhield. Het hof wees het beroep af, gelastte teruggaaf van het griffierecht en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt afgewezen en de aanslag wordt gehandhaafd zonder aftrek elders belast.