ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7644
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Boersma
- Den Boer
- Rijkels
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navordering huurwaardeforfait op basis van WOZ-waarde na bezwaar
Belanghebbende, eigenaar en bewoner van een woning gebouwd rond 1920, had voor 1995 een forfaitaire huurwaarde aangegeven die was gebaseerd op een lagere woningwaarde dan de uiteindelijk vastgestelde WOZ-waarde. Na bezwaar tegen de WOZ-waardebepaling stelde het gerechtshof de waarde vast op een bedrag dat hoger was dan door belanghebbende was opgegeven in de aangifte.
De inspecteur kon op grond van de hogere WOZ-waarde navorderen omdat hij bij het opleggen van de oorspronkelijke aanslag nog niet beschikte over de juiste WOZ-gegevens. Belanghebbende stelde dat de inspecteur onzorgvuldig had gehandeld, maar het hof oordeelde dat de inspecteur mocht uitgaan van de juistheid van de aangifte totdat nadere informatie beschikbaar kwam.
Het hof wees het beroep af en oordeelde dat geen sprake was van schending van beginselen van behoorlijk bestuur. Ook werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door het gerechtshof Amsterdam op 22 mei 2000.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1995 wordt ongegrond verklaard.