ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7710
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Van Schaik
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek verhuiskosten bij dienstbetrekking in woning van echtgenoot zonder zakelijke vestigingsmotieven
Belanghebbende is in dienst getreden bij de houdster-BV van haar echtgenoot, die zowel voor als na verhuizing gevestigd was op het woonadres van belanghebbende. De vraag was of belanghebbende terecht aanspraak maakte op aftrek van verhuiskosten in verband met haar verhuizing van T naar Z.
Het hof overwoog dat artikel 7b, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 1990 alleen van toepassing is indien de vestigingsplaats van de houdster-BV niet louter wordt bepaald door de woonplaatskeuze van belanghebbende. Uit het dossier bleek dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat zakelijke motieven de verhuizing en vestiging van de BV in Z rechtvaardigden. De woning in Z was gekocht voordat de nieuwe opdrachtgever E BV bestond en de werkzaamheden bleven in de regio Midden-Nederland.
Daarom kon geen beroep worden gedaan op het onweerlegbare vermoeden van zakelijke motieven voor de verhuizing. Het hof concludeerde dat de verhuizing op persoonlijke gronden was gebaseerd en verklaarde het beroep ongegrond. De aanslag werd bevestigd zonder aftrek van verhuiskosten.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag zonder aftrek van verhuiskosten bevestigd.