ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7769
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Smit
- Schaap
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verrekening verliezen na staking onderneming en liquidatie
Belanghebbende, voorheen H B.V., had in 1985/1986 de steenfabricage stopgezet en stelde dat zij haar vermogensbestanddelen daarna als belegging aanhield, waardoor zij verliezen uit eerdere jaren mocht verrekenen. Het hof stelde vast dat de activiteiten van belanghebbende en haar fiscaal gevoegde dochtermaatschappijen als één geheel moeten worden beschouwd.
Uit het bewijs bleek dat belanghebbende na de stopzetting haar vermogensbestanddelen niet als belegger beheerde maar in afwachting was van verkoop, met slechts beperkte opbrengsten. De pensioenverplichting en schulden waren verbonden aan de onderneming. De liquidatie van het ondernemingsvermogen werd pas in 1992/1993 of 1993/1994 voltooid.
Het hof concludeerde dat de onderneming niet in 1985/1986 was gestaakt maar pas later, waardoor artikel 20, lid 5, van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 toepassing vindt en de verliezen uit de jaren 1986/1987 tot en met 1991/1992 niet meer verrekend kunnen worden. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting bevestigd.