ECLI:NL:GHAMS:2000:AD3506
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Beoordeling renteaftrek hypothecaire lening en toepassing rentevrijstelling 1997
Belanghebbende verhoogde in 1996 zijn hypothecaire lening met ƒ 30.000, aanvankelijk bedoeld voor studiekosten van zijn zoon. In 1997 stelde belanghebbende dat de lening bestemd was voor onderhoud en verbetering van zijn woning, maar het hof acht dit niet aannemelijk vanwege het geringe bedrag aan onderhoudskosten en het ontbreken van schriftelijke onderbouwing.
De inspecteur corrigeerde de renteaftrek over 1997 door een deel van de rente niet als aftrekpost eigen woning te erkennen, waardoor de rentevrijstelling verviel door saldering met ontvangen rente. Belanghebbende voerde aan dat de bestemming van de lening was gewijzigd en beriep zich op het vertrouwensbeginsel, maar dit werd verworpen omdat de wetswijziging per 1997 een andere regeling bracht.
Het hof concludeert dat de rentevrijstelling terecht is toegepast conform de gewijzigde wetgeving en dat de correctie van de inspecteur standhoudt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de correctie van de rentevrijstelling gehandhaafd.