ECLI:NL:GHAMS:2002:AE4176
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Steenbergen
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek adoptiekosten voor medische en levensonderhoudskosten vóór Nederlandse adoptie
Belanghebbende had in zijn aangifte inkomstenbelasting 1997 kosten opgevoerd die verband hielden met de adoptie van zijn in Taiwan geboren zoon. Deze kosten betroffen medische uitgaven en levensonderhoudskosten die betaald waren vóórdat de adoptie door de Nederlandse rechter in kracht van gewijsde was gegaan. Het Hof stelde vast dat de adoptie pas op 19 oktober 1998 definitief was, terwijl de kosten betrekking hadden op de periode daarvoor.
De inspecteur had de aftrek van deze kosten geweigerd omdat het kind op het moment van betaling nog niet als eigen kind of pleegkind in de zin van artikel 46 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964 kon worden aangemerkt. Het Hof bevestigde dit standpunt en verwierp de stelling van belanghebbende dat de kosten toch aftrekbaar zouden zijn omdat hij financieel verantwoordelijk was vanaf de Taiwanese adoptie of omdat de kosten noodzakelijk waren vanwege de juridische procedures.
Daarnaast wees het Hof het beroep op het gelijkheidsbeginsel af, omdat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er binnen de betreffende eenheid sprake was van een begunstigend beleid jegens andere belastingplichtigen in vergelijkbare situaties. Ook de stelling dat de kosten als giften aftrekbaar zouden zijn, werd verworpen omdat de betalingen niet uit vrijgevigheid waren gedaan maar als verplichte bijdragen met een geldige aanspraak.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag bleef gehandhaafd. Er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting 1997 wordt ongegrond verklaard.