ECLI:NL:GHAMS:2002:AE6640
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Bijl
- Rechtspraak.nl
Vaststelling verlies en aftrek buitengewone lasten invaliditeit en rijlessen
Belanghebbende, sinds 1996 duurzaam gescheiden van zijn echtgenote en gedeeltelijk invalide door een beenamputatie, had zijn auto aangepast als hulpmiddel. De kosten van deze aanpassing en de daarbij noodzakelijke rijlessen werden door de inspecteur als buitengewone lasten erkend. Het hof bevestigt dat de rijlessen, verplicht en noodzakelijk voor het bedienen van het hulpmiddel, eveneens als buitengewone lasten gelden.
Belanghebbende stelde daarnaast kosten van ƒ 16.500 voor bezoeken door zijn echtgenote tijdens ziekenhuis- en verpleeghuisopname te hebben gemaakt en vergoed, en wilde deze aftrekken als buitengewone lasten. Het hof oordeelt dat hij onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij deze kosten daadwerkelijk betaalde en dat dergelijke bezoekkosten niet tot de aftrekbare uitgaven ter zake van ziekte behoren volgens artikel 46 Wet Pro IB.
Het hof wijst het verzoek tot aftrek van deze bezoekkosten af en verhoogt het vastgestelde verlies met de kosten van de rijlessen, waardoor het verlies over 1999 wordt vastgesteld op ƒ 11.476. Tevens veroordeelt het hof de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het verlies over 1999 wordt vastgesteld op ƒ 11.476, inclusief aftrekbare rijleskosten; bezoekkosten worden niet erkend.