ECLI:NL:GHAMS:2003:AF4295
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Vrouwenvelder
- Beukers-Van Dooren
- Tromp
- Rechtspraak.nl
Vrijstelling omzetbelasting voor zelfstandig vermogensbeheer door directeur beleggingsfonds
Belanghebbende, een rechtspersoon die twee beleggingsfondsen beheert op basis van een managementovereenkomst, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag omzetbelasting over de periode 1992-1995. De inspecteur stelde dat de activiteiten van belanghebbende moesten worden gekwalificeerd als het uitlenen van personeel, waardoor geen vrijstelling van omzetbelasting zou gelden.
Het hof oordeelde dat belanghebbende zelfstandig en met min of meer volledige beoordelingsvrijheid en beslissingsbevoegdheid handelde bij het beheer van de fondsen. De activiteiten vormden een afzonderlijk geheel en vervulden de essentiële functies van beheer zoals bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel i, punt 3 van de Wet OB 1968. De stelling van de inspecteur faalde dat het zou gaan om uitlenen van personeel en dat de vrijstelling afhankelijk zou zijn van het type rechtspersoon of een directe rechtsbetrekking met de afnemer.
Daarom is de naheffingsaanslag onterecht opgelegd en dient deze te worden vernietigd. Tevens veroordeelde het hof de inspecteur in de proceskosten. Het arrest bevestigt dat de aard van de verrichte handelingen bepalend is voor de toepassing van de vrijstelling, niet de juridische vorm of de interne toezichtstructuur.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt vernietigd omdat de werkzaamheden van belanghebbende onder de vrijstelling van de Wet OB 1968 vallen.