ECLI:NL:GHAMS:2003:AJ6870
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Den Boer
- Slijpen
- Rechtspraak.nl
Belastingheffing over aflossing turbovordering en vernietiging vergrijpboete
Belanghebbende had in 1998 een aflossing van f 732.000 ontvangen op een turbovordering die reeds vóór 4 juni 1996 volwaardig was. De inspecteur legde hierover een aanslag op met een vergrijpboete van 50%, omdat hij meende dat de aangifte onjuist was en sprake was van opzet. Belanghebbende betwistte dit standpunt en voerde aan dat de aflossing onbelast was en dat zijn standpunt pleitbaar was, mede omdat hij dit duidelijk in de toelichting bij de aangifte had vermeld.
Het Hof oordeelde dat de aflossing belast is als winst uit aanmerkelijk belang, verminderd met een evenredig deel van de verkrijgingsprijs, conform de gewijzigde wetgeving en jurisprudentie van de Hoge Raad. Het beroep op terugwerkende kracht en verdragsrechtelijke bepalingen faalde. Ten aanzien van de boete stelde het Hof dat belanghebbende geen onjuiste aangifte had gedaan, omdat alle relevante gegevens en het betwiste standpunt duidelijk waren vermeld. Het standpunt was bovendien pleitbaar, waardoor de boete onterecht was opgelegd.
De inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten in bezwaar en beroep, omdat hij ernstig onzorgvuldig had gehandeld door de boete op onjuiste gronden te handhaven en onvoldoende rekening te houden met de pleitbaarheid van het standpunt van belanghebbende. De aanslag werd verminderd tot een belastbaar inkomen van f 790.702, waarvan f 714.798 belast werd tegen het bijzondere tarief van 25%.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd en de vergrijpboete vernietigd wegens pleitbaarheid van het standpunt en ernstig onzorgvuldig handelen van de inspecteur.