ECLI:NL:GHAMS:2003:AO2141
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Faase
- Slijpen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslagen inkomsten- en vermogensbelasting wegens buitenlands vermogen en fiscale rapporten
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het beroep van belanghebbende tegen navorderingsaanslagen inkomstenbelasting (1992-1996) en vermogensbelasting (1993-1997). De aanslagen waren gebaseerd op een fiscale nadeelberekening en een uitgebreid fiscaal rapport, waarin sprake was van buitenlands gehouden vermogen en rendementen.
Belanghebbende voerde onder meer aan dat de inspecteur niet bevoegd was tot het opleggen van de aanslagen en dat de navorderingstermijn niet verlengd kon worden. Het hof oordeelde dat de inspecteur bevoegd was en dat de navorderingstermijn verlengd werd conform artikel 16, lid 4, AWR vanwege het buitenlandse vermogen.
Verder werd geoordeeld dat de inspecteur een redelijke en kenbare schatting had gemaakt van de belastbare inkomens en vermogens, mede door het ontbreken van medewerking van belanghebbende aan de inlichtingenplicht. Het beroep werd derhalve ongegrond verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen.
De zaak betrof complexe transacties met offshore vennootschappen, waarbij fiscale constructies en mogelijke fraude werden onderzocht. Diverse getuigenverklaringen, ambtshandelingen en fiscale rapporten vormden de basis van het bewijs. Het hof bevestigde de rechtmatigheid van de navorderingsaanslagen en de motivering daarvan.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslagen inkomsten- en vermogensbelasting wordt ongegrond verklaard.