ECLI:NL:GHAMS:2004:AP4203
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- M.E. van Hilten
- E.M. Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vernietigt aanslagen omzetbelasting en accijns op Nederlands bier wegens onterecht belastbaar feit invoer
Belanghebbende, een bierbrouwer met vergunning voor een accijnsgoederenplaats, had aanslagen ontvangen voor omzetbelasting en accijns over zendingen bier die onder communautair douanevervoer vielen. De inspecteur had verzoeken om terugbetaling afgewezen en één verzoek niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
De Douanekamer oordeelde dat de termijnoverschrijding terecht was vastgesteld voor de zending van 8 juli 1996, maar dat de aanslagen op de zendingen van 15 mei en 23 oktober 1997 onterecht waren opgelegd. Dit omdat het bier van Nederlandse oorsprong was en zich al binnen Nederland bevond, waardoor geen belastbaar feit invoer in de zin van de Wet op de omzetbelasting en Wet op de accijns had plaatsgevonden.
De rechtbank vernietigde de bestreden uitspraak en beschikking voor de latere aanslagen, kende teruggaaf toe van €7.573,46 omzetbelasting en €10.182,06 accijns, en veroordeelde de inspecteur in proceskosten. Het beroep tegen de aanslag van 8 juli 1996 werd ongegrond verklaard wegens niet tijdig ingediend verzoek.
De uitspraak benadrukt de toepassing van het Communautair douanewetboek, de Zesde richtlijn omzetbelasting en de accijnsrichtlijn, en bevestigt dat binnenlandse productie en oorsprong uitsluit dat sprake is van invoerbelasting bij onttrekking aan douaneregelingen.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard voor aanslagen van mei en oktober 1997 met teruggaaf van omzetbelasting en accijns, en ongegrond voor de aanslag van juli 1996 wegens termijnoverschrijding.