ECLI:NL:GHAMS:2004:AP6798
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- De Vries
- Van Atteveld
- Gonggrijp-van Mourik
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep doodslag vrouw met samendrukkend geweld en verbergen lichaam
In deze strafzaak heeft het Gerechtshof Amsterdam het vonnis van de rechtbank vernietigd en verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 jaar wegens doodslag op zijn echtgenote. Verdachte heeft zijn vrouw op 25 januari 2001 door samendrukkend geweld om het leven gebracht en haar daarna in de tuin begraven, waarbij hij haar overgoot met vloeibaar beton.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het feit heeft begaan, hoewel niet alle details van het tijdstip en de wijze exact konden worden vastgesteld. Verdachte heeft gedurende meer dan een jaar volgehouden niets met de verdwijning te maken te hebben, wat het leed voor de nabestaanden heeft verergerd.
De verdediging voerde onder meer ontoerekeningsvatbaarheid en psychische overmacht aan, maar het hof verwierp deze verweren op grond van een rapport van het Pieter Baan Centrum en andere bewijsstukken. Het hof legde een gevangenisstraf van 12 jaar op, rekening houdend met de ernst van het feit, de persoon van verdachte en zijn eerdere strafblad. Tevens werd een schadevergoeding van €11.477,56 toegewezen aan de benadeelde partij.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf voor doodslag en verbergen lichaam met beton.