ECLI:NL:GHAMS:2004:AR6636
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Onnes
- Rechtspraak.nl
Beoordeling overdrachtsbelasting bij verkoop aandelen exploitant bedrijfspand
X B.V. was eigenaar van 50% van de aandelen in A B.V., die een bedrijfspand verhuurt aan een zuster-B.V. De aandelen werden verkocht aan een andere aandeelhouder die hierdoor 100% belang kreeg. De vraag was of deze aandelenoverdracht onder de overdrachtsbelasting viel volgens artikel 4 van Pro de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR).
Belanghebbende stelde dat A B.V. niet als exploitant van onroerende zaken in de zin van artikel 4 WBR Pro kon worden aangemerkt, omdat de activiteiten verweven waren met die van de huurder en dat de transactie onder een vrijstelling van artikel 15 WBR Pro viel. Het hof oordeelde dat de verkoop van aandelen A B.V. en C B.V. als afzonderlijke transacties moesten worden gezien en dat A B.V. wel degelijk een onroerende zaaklichaam is. De vrijstelling werd verworpen vanwege niet-naleving van het uitvoeringsbesluit.
Daarnaast was de waarde van het bedrijfspand in geschil. Het hof volgde de door de inspecteur vastgestelde taxatiewaarde van €865.000, omdat belanghebbende onvoldoende onderbouwing gaf voor de lagere waarde van €408.000. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van X B.V. wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt gehandhaafd.