ECLI:NL:GHAMS:2005:AT5023
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Bijlsma
- J.J.A.M. Kennis
- M.E. van Hilten
- Rechtspraak.nl
Kosten ambtelijk toezicht op vernietiging goederen vallen onder Douanewet en Douanebesluit
Belanghebbende, een besloten vennootschap, maakte bezwaar tegen een kostenbeschikking van de inspecteur van de Belastingdienst/Douane Zuid voor ambtelijk toezicht op de vernietiging van een partij niet-communautaire goederen, zijnde knoflook uit China. De vernietiging vond plaats onder ambtelijk toezicht, deels permanent en deels ambulant, zoals voorgeschreven door de Douane.
Het geschil betrof de vraag of de kosten van € 462, waarvan € 378 betrekking had op het toezicht, terecht aan belanghebbende waren opgelegd. Belanghebbende voerde aan dat op grond van het Communautair douanewetboek (CDW) en het ontbreken van een specifieke bepaling in het Douanebesluit geen kosten verschuldigd waren voor het toezicht op vernietiging van goederen.
Het Gerechtshof oordeelde dat hoewel artikel 182 van Pro het CDW bepaalt dat vernietiging geen kosten voor de schatkist mag meebrengen, dit niet uitsluit dat lidstaten kosten in rekening mogen brengen voor het ambtelijk toezicht op die vernietiging. Op grond van artikel 35 van Pro de Douanewet en artikel 74 van Pro het Douanebesluit zijn dergelijke kosten verschuldigd. De rechtbank stelde vast dat de kosten terecht en niet onjuist waren vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond.
De procedure werd gevoerd bij de Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam, waarbij belanghebbende niet verscheen. De uitspraak werd op 28 februari 2005 in het openbaar uitgesproken. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de kosten voor ambtelijk toezicht op vernietiging van goederen blijven verschuldigd.