ECLI:NL:GHAMS:2005:AT5435
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.B. Onnes
- R.A. Steenbergen
- I.J.F.A. van Vijfeijken
- Rechtspraak.nl
Gebruik van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs in belastingnavordering over 1997
Belanghebbende was vennoot in een VOF die handelde in Marokkaanse artikelen en werd in 1997 onderzocht wegens betrokkenheid bij handel in hashish. Na een strafrechtelijk vooronderzoek en detentie werd hij aanvankelijk veroordeeld, maar later vrijgesproken vanwege onrechtmatig verkregen bewijs door afluisteren van telefoongesprekken.
De Belastingdienst legde een navorderingsaanslag op gebaseerd op een SFO-rapport dat gebruik maakte van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs. Belanghebbende betwistte dit gebruik en de hoogte van de aanslag. Het Hof oordeelde dat het gebruik van dit bewijs in belastingzaken niet verboden is, tenzij het indruist tegen algemene beginselen van behoorlijk bestuur, wat hier niet het geval was.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende inkomsten uit hashhandel niet had aangegeven en dat de aanslag redelijk was, maar dat de berekening van het voordeel te hoog was door onjuiste toerekening van partijen en het niet meenemen van inkoop- en transportkosten. Daarom werd de navorderingsaanslag verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 1.264.875.
Daarnaast werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en schadevergoeding wegens de vertraging in de uitspraak. Het beroep werd gegrond verklaard en de uitspraak vernietigd, met de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 1.264.875 en de Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en schadevergoeding.