ECLI:NL:GHAMS:2005:AU0361
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Van den Bergh
- Wiewel
- Cleiren
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 10 jaar gevangenisstraf voor moord op echtgenote met voorbedachte rade
De verdachte heeft op 10 november 2003 in Amsterdam zijn vrouw opzettelijk en met voorbedachte rade om het leven gebracht door haar meerdere keren met een mes in de keel te steken en haar keel door te snijden. Na het doden sprong hij van het balkon van de derde verdieping, wat getuigt van zijn voorbedachte handeling.
De verdediging voerde psychische overmacht aan, stellende dat de verdachte door acculturatieproblemen, stress en emotionele druk niet in staat was zijn wil vrij te bepalen. Het hof erkende de aanpassingsstoornis en emotionele problematiek, maar oordeelde dat dit niet tot volledige uitsluiting van schuld leidde; de verdachte was slechts enigszins verminderd toerekeningsvatbaar.
Het hof achtte het bewezen dat de verdachte bewust en met kalm beraad handelde, en verwierp het beroep op psychische overmacht. De rechtbank had 10 jaar gevangenisstraf opgelegd, het openbaar ministerie eiste 14 jaar, maar het hof bevestigde de straf van 10 jaar passend en geboden gelet op de ernst van het feit, het leed van de nabestaanden en de schok voor de rechtsorde.
Het mes waarmee het delict werd gepleegd werd verbeurd verklaard. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen. Het arrest werd gewezen door de derde meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 21 maart 2005.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 10 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachte rade op zijn vrouw.