ECLI:NL:GHAMS:2005:AU0833
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Premieplicht volksverzekeringen bij grensoverschrijdende werkzaamheden zangeres
Belanghebbende, een in Nederland woonachtige zangeres, verrichtte in 1998 optredens in Nederland, Duitsland, Frankrijk en België. De inspecteur legde haar een aanslag premie volksverzekeringen op over het totale premie-inkomen, inclusief de buitenlandse inkomsten. Belanghebbende stelde dat zij niet premieplichtig was voor de inkomsten uit buitenlandse optredens, stellende dat de Verordening (EEG) 1408/71 alleen van toepassing is bij gelijktijdig werken in twee lidstaten.
Het Hof overwoog dat belanghebbende geen E-101-verklaring had aangevraagd en dat haar werkzaamheden in verschillende lidstaten voor verschillende werkgevers werden verricht. Volgens artikel 13 en Pro 14 van de Verordening is zij daardoor uitsluitend onderworpen aan de Nederlandse sociale zekerheidswetgeving. Het Hof verwierp het standpunt van belanghebbende dat de Verordening alleen geldt bij gelijktijdig werken in twee lidstaten of voor één werkgever in meerdere lidstaten.
Het geschil betrof de vraag of de buitenlandse inkomsten premievrijgesteld konden worden. Het Hof concludeerde dat belanghebbende premieplichtig is voor haar gehele inkomen in Nederland, inclusief de buitenlandse inkomsten. Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd. Er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag premie volksverzekeringen gehandhaafd.