ECLI:NL:GHAMS:2006:AV4631
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Onterechte terugwerkende intrekking bindende tariefinlichting vanwege onvolledige productomschrijving
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had een bindende tariefinlichting (BTI) aangevraagd voor een product dat celluloseacetaatbutyraat bevatte. De inspecteur had de BTI van 28 april 1998 met terugwerkende kracht ingetrokken wegens onjuiste of onvolledige gegevens, omdat de samenstelling van het product niet volledig was vermeld en het product een mengsel bleek te zijn met weekmaker en kleurstof.
De Douanekamer oordeelt echter dat hoewel belanghebbende onvolledig was in de samenstelling, deze onvolledigheid niet heeft geleid tot een onjuiste tariefindeling. Partijen waren het erover eens dat het product correct was ingedeeld onder tariefpost 3912 90 10 van het Gemeenschappelijk Douanetarief. De Douanekamer volgt de uitleg dat intrekking met terugwerkende kracht alleen gerechtvaardigd is als de onvolledigheid tot een onjuiste tariefindeling leidt.
Belanghebbende had geen monster bij de aanvraag van 4 maart 1998 meegestuurd, maar stelde dat een eerder monster uit 1997 nog aanwezig was bij de inspecteur. De Douanekamer oordeelt dat de aanvraag van 1998 een zelfstandige aanvraag was en dat belanghebbende niet mocht vertrouwen op eerdere monsters. De intrekking van de BTI was daarom ten onrechte met terugwerkende kracht gedaan.
De Douanekamer verklaart het beroep gegrond, vernietigt de intrekking en wijst belanghebbende een vergoeding toe voor de kosten van de bezwaarfase en de proceskosten. Tevens wordt het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De terugwerkende intrekking van de bindende tariefinlichting is vernietigd en belanghebbende krijgt vergoeding van kosten en proceskosten.