ECLI:NL:GHAMS:2006:AX9346
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing terugbetaling douanerechten bij vernietiging onder ambtelijk toezicht
Belanghebbende, een producent van sigaretten, verzocht om terugbetaling van douanerechten voor goederen die onder ambtelijk toezicht waren vernietigd. De inspecteur wees dit verzoek af op grond dat artikel 128 van Pro het Communautair douanewetboek (CDW) een limitatieve opsomming geeft van situaties waarin terugbetaling mogelijk is, en vernietiging niet is genoemd.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het Gerechtshof Amsterdam bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. Belanghebbende stelde dat artikel 128 niet Pro limitatief is en dat artikel 544 van Pro de Uitvoeringsverordening CDW (UCDW) vernietiging gelijkstelt aan uitvoer, wat recht op terugbetaling zou geven.
De Douanekamer oordeelde echter dat artikel 544 UCDW Pro geen uitbreiding vormt van artikel 128 CDW Pro en dat verwijdering van bijkomende veredelingsproducten onder voorwaarden gelijkgesteld wordt met uitvoer, maar vernietiging niet. Hierdoor blijft artikel 128 limitatief Pro en bestaat geen recht op terugbetaling bij vernietiging onder ambtelijk toezicht.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het griffierecht werd niet vergoed. De uitspraak van de rechtbank Haarlem werd daarmee bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot terugbetaling van douanerechten wordt bevestigd.