ECLI:NL:GHAMS:2006:AY7036
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- N.A.M. Schippers
- J.C.W. Rang
- P.J.N. van Os
- Rechtspraak.nl
Beoordeling klacht over handelen van notaris als boedelnotaris na overlijden vader
Na het overlijden van de vader op 4 januari 2004 ontstond een geschil over het handelen van de notaris die als boedelnotaris was aangewezen. Klaagster en haar broer Andreas beklaagden zich over het optreden van de notaris, die volgens hen zonder geldige inschrijving als boedelnotaris handelde en onwaarheden sprak tijdens een zitting op 16 juni 2004.
De notaris stelde dat hij op 13 januari 2004 door de wettelijke vertegenwoordiger van de minderjarige erfgenamen was aangewezen en zich daarna heeft laten inschrijven in het boedelregister, al bleek deze inschrijving administratief niet correct te zijn verlopen. De notaris handelde in de veronderstelling dat hij bevoegd was en klaagster maakte nooit bezwaar tegen zijn aanwijzing.
De Kamer van Toezicht verklaarde de klacht ongegrond en het hof onderschrijft deze beoordeling. Er is geen bewijs dat de notaris onrechtmatig heeft gehandeld of betrokken was bij diefstal. Het verzoek aan Andreas om een inventarislijst op te stellen was passend binnen de taken van de boedelnotaris, ondanks diens gezondheidsproblemen. Het hof verwerpt het hoger beroep en bevestigt de eerdere beslissing.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de klacht tegen de notaris wordt ongegrond verklaard.