ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ7735
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- G.J. Visser
- A. Rutten-Roos
- M.A.J.G. Janssen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over kostenverdeling voorlopig deskundigenonderzoek na verkeersongeval
Op 2 juli 2003 vond een verkeersongeval plaats waarbij de verzekerde van London Verzekeringen aansprakelijk was. De geïntimeerde stelt sindsdien klachten te ondervinden die zij als postwhiplash syndroom definieert, met medische behandelingen tot gevolg. London erkende de aansprakelijkheid, maar er bestond onenigheid over de omvang van de schade.
De rechtbank gelastte een voorlopig deskundigenonderzoek en stelde de kosten daarvan aanvankelijk ten laste van de overheid wegens toevoeging. Later oordeelde de rechtbank dat London de kosten van €3.570,- moest betalen, zonder partijen vooraf te horen over de kostenverdeling. London ging in hoger beroep tegen deze beslissing.
Het hof oordeelt dat het fundamentele beginsel van hoor en wederhoor vereist dat partijen in de gelegenheid worden gesteld hun standpunt over de kostenverdeling kenbaar te maken, wat in eerste aanleg niet is gebeurd. Desondanks kan dit niet leiden tot vernietiging van de beschikking omdat London haar standpunt in hoger beroep heeft kunnen toelichten.
Verder stelt het hof vast dat de geïntimeerde schade heeft geleden die in causaal verband staat met het ongeval, maar dat de aard en omvang van de schade nog niet volledig zijn aangetoond. London erkende tijdens de zitting dat immateriële schade aanwezig is, wat rechtvaardigt dat zij de kosten van het deskundigenbericht draagt.
Het hof bekrachtigt daarom de bestreden beschikking en veroordeelt London tot betaling van de kosten van het voorlopig deskundigenonderzoek.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en veroordeelt London Verzekeringen tot betaling van de kosten van het voorlopig deskundigenonderzoek.