ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ7738
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over onttrekking goederen onder regeling extern communautair douanevervoer en boetebeschikking
Belanghebbende deed aangifte voor plaatsing van 770 kartons rundvlees onder de regeling extern communautair douanevervoer. Bij aankomst in Duitsland bleek één karton te ontbreken. De inspecteur stelde een uitnodiging tot betaling van douanerechten en omzetbelasting vast en legde een boete op wegens niet-naleving van douaneformaliteiten.
De rechtbank oordeelde dat niet aannemelijk was dat sprake was van onttrekking en dat de aangifte herzien moest worden naar 769 kartons. De inspecteur ging in hoger beroep bij de Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam.
De Douanekamer stelde dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de aangifte onjuist was en concludeerde dat het ontbrekende karton onttrokken was aan het douanetoezicht, waardoor een douaneschuld en het belastbare feit invoer voor de omzetbelasting waren ontstaan. De boete werd echter vernietigd omdat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat de controle praktisch lastig was, er streng toezicht was geweest en het vermis direct was gemeld.
De Douanekamer bevestigde de uitnodigingen tot betaling van douanerechten en omzetbelasting, vernietigde de uitspraak van de rechtbank voor zover deze de boetebeschikking betrof, en wees het beroep van belanghebbende op de regeling 'kleine onregelmatigheden' af omdat het kantoor van bestemming in Duitsland lag. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 7 november 2006.
Uitkomst: De uitnodigingen tot betaling van douanerechten en omzetbelasting zijn bevestigd, de boetebeschikking is vernietigd.