ECLI:NL:GHAMS:2007:BA2615
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid kosten verbonden aan buitenlandse deelnemingen in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een tussenhoudstervennootschap behorend tot een Mexicaans concern, had de aangifte vennootschapsbelasting over 2000 niet tijdig ingediend. In de alsnog ingediende aangifte werden kosten in verband met buitenlandse deelnemingen in aftrek gebracht. De inspecteur stelde dat deze kosten uitsluitend verband hielden met een deelneming op de Nederlandse Antillen en wees de aftrek af.
Het geschil betrof de vraag of de kosten ook verband hielden met Europese deelnemingen en of de aftrekbeperking in strijd was met het EU-recht, in het bijzonder artikel 56 EG Pro-Verdrag over de vrijheid van kapitaalverkeer. Het hof oordeelde dat belanghebbende onvoldoende bewijs had geleverd dat de kosten mede aan Europese deelnemingen konden worden toegerekend en dat de inspecteur niet onredelijk had gehandeld door de kosten toe te rekenen aan de deelneming op de Nederlandse Antillen.
Verder verwierp het hof de stelling dat de aftrekbeperking in strijd was met het EU-recht en andere internationale verdragen, verwijzend naar eerdere jurisprudentie. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting bleef ongewijzigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag vennootschapsbelasting blijft gehandhaafd.