ECLI:NL:GHAMS:2007:BA8540
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Terugbetaling van douanerechten wegens vergissing bij keuze heffingsregels onder douanetoezicht
Belanghebbende, een besloten vennootschap, verzocht om terugbetaling van betaalde douanerechten omdat zij niet op de hoogte was van de mogelijkheid om te kiezen voor heffingsregels met betrekking tot de regeling behandeling onder douanetoezicht. De Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam stelde prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen over de toepassing van artikelen 121 en 122 van het Communautair Douanewetboek (CDW).
Het Hof van Justitie oordeelde dat nationale douaneautoriteiten niet verplicht zijn de heffingsregels van artikel 122 toe Pro te passen zonder uitdrukkelijk verzoek van belanghebbende, maar dat terugbetaling moet worden verleend als blijkt dat de vaststelling van de douaneschuld het gevolg is van een vergissing van belanghebbende en niet van een bewuste keuze. Belanghebbende stelde dat zij niet op de hoogte was van de keuze en dat er geen sprake was van fraude, en diende het verzoek binnen de wettelijke termijn in.
De Douanekamer concludeerde dat er inderdaad sprake was van een vergissing, omdat belanghebbende niet wist van de verschillende opties en dus geen bewuste keuze had gemaakt. De inspecteur werd veroordeeld tot terugbetaling van € 955.385,78 en tot betaling van de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat onwetendheid over heffingsregels kan leiden tot recht op teruggaaf onder artikel 236 CDW Pro.
Uitkomst: Belanghebbende krijgt terugbetaling van betaalde douanerechten wegens vergissing bij keuze heffingsregels onder douanetoezicht.