ECLI:NL:GHAMS:2007:BA9952
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar inkomstenbelasting 2001 wegens termijnoverschrijding
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting 2001, maar dit bezwaar werd door de inspecteur niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de wettelijke bezwaartermijn. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het hof bevestigde deze uitspraak in hoger beroep.
Het hof stelde vast dat de aanslag correct en tijdig was bekendgemaakt aan belanghebbende. Hoewel belanghebbende stelde de aanslag en de afwijkingsbrief niet te hebben ontvangen, achtte het hof dit niet aannemelijk. Ook was niet aannemelijk dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend, mede omdat het bezwaarschrift naar een verkeerd adres was gestuurd en de post pas later bij het juiste kantoor aankwam.
Belanghebbende kon geen concrete bewijzen overleggen die de ontvangstdatum van het bezwaarschrift binnen de termijn aannemelijk maakten. Het hof oordeelde dat de onjuiste adressering voor rekening van belanghebbende kwam en dat dit een beroep op verschoonbare termijnoverschrijding uitsloot.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaar.